Praktijk Herentals 014/51.88.08
Praktijk Vorselaar 014/51.88.08

Huidziekten

Huidproblemen bij dieren

Jeuk bij de hond

Jeuk kan heel veel oorzaken hebben. Om daar een beeld van te vormen wordt eerst uitgebreid een anamnese afgenomen. Voor mij is het heel belangrijk dat ik een idee krijg van de plaatsen waar het dier het meest jeuk ervaart. Gezien we het aan de hond niet kunnen vragen, is een opmerkzaam baasje heel belangrijk. Zo zien we bij schurft vooral jeuk aan de oorschelpen, borst, ellebogen en hakken. Bij vlooienallergie vooral jeuk aan de achterhand en bij atopie jeuk thv de oren, voeten, poten dorsaal, liezen, oksels en/of perianaal.

Wat zijn nu de mogelijke oorzaken?

We kunnen die opdelen in verschillende delen. Jeuk kan afkomstig zijn van infecties, allergieën of auto-immune aandoeningen. Laat ons beginnen met infecties: Je hebt parasitaire infecties zoals vlooien, teken, luizen en mijten. De mijtinfecties kan je dan nog eens onderverdelen in verschillende soorten die elk op een andere plaats op de huid leven. Zo heb je de schilfermijt Cheyletiella die heel oppervlakkig leeft en dan ook vooral schilfering veroorzaakt, deze mijt zit immers het liefst dorsaal op de hond. Dan heb je de schurftmijt, Sarcoptes, die leeft in het stratum corneum. Deze zien we vooral bij geimporteerde honden en veroorzaakt een extreme jeuk aan oorschelpen, borst, elleboog en hakken. Een andere mijtsoort, Demodex, leeft in de haarfollikels van de hond en gaat deze wanneer ze in grote aantallen aanwezig zijn, vernietigen wat leidt tot secundaire bacteriële infectie en zo tot jeuk.

Bacteriële infecties zijn vaak een grote oorzaak van jeuk. Er zijn verschillende soorten bacteriën die de huid kunnen infecteren. Met een microscoop kunnen we die in beeld brengen en de juiste therapie gebruiken. Elke bacterie heeft immers zijn eigen eigenschappen waardoor ze al dan niet gevoelig zijn voor een bepaald antibioticum. Helaas hebben we door het wereldwijd verkeerd gebruik van antibiotica steeds meer te maken met resistente soorten. Tegenwoordig bestaan gelukkig ook goed ontsmettende shampoos en sprays waardoor we antibiotica minder moeten inzetten.

Bacteriële infecties hebben steeds een onderliggende oorzaak. Dat kan een parasitaire infectie zijn, een allergie of een andere aandoening waardoor de afweer in de huid sterk verminderd zoals een slecht werkende schildklier.

Ten slotte hebben we de grote groep van schimmels en gisten. Malassezia is een gist die frequent voorkomt en naast een ranzige geur en roodheid in de huid veel jeuk kan veroorzaken. Ook deze is met een microscoop vast te stellen. Deze gist is bij gezonde honden in kleine aantallen op bepaalde plaatsen op de huid aanwezig maar kan de hele hond gaan koloniseren als de omstandigheden er gunstig voor zijn zoals een onderliggende allergie. Daarnaast hebben we candida, die wat minder voorkomt.

Schimmelinfecties zijn doorgaand minder jeukend maar veroorzaken kale rode schilferige letsels op hoofd en extremiteiten vooral. Deze schimmels zijn steeds pathogeen en komen normaal dus niet op het dier voor. Er is steeds een besmetting van buitenaf nodig zoals een kat, knaagdier of andere hond. Bij deze infectie is het dus van groot belang gezien het besmettingsgevaar dat ook de omgeving en samenlevende dieren mee behandeld worden. Ook de mens kan besmet geraken. We spreken hier van een zoönose, vooral mensen met een verminderde afweer zijn hier gevoelig aan.

Naast de infecties als mogelijke oorzaken kennen we de grote groep van allergieën. Net zoals bij de mens zien we het aantal allergieën bij dieren steeds toenemen. Een van de oorzaken is dat we te proper geworden zijn, waardoor ons immuunapparaat in zaken zoals huisstofmijten een gevaar ziet en overdreven gaat reageren.

Allergie is dus een overdreven immuunrespons van ons immuunstelsel, dat zich normaal steeds wapent tegen mogelijke gevaarlijke indringers. Bij een allergie zal ons lichaam dus overdreven reageren op antigenen die eigenlijk niet schadelijk zijn zoals bepaalde voedseleiwitten, pollen ed. Vlooienallergie was vroeger één van de meest voorkomende allergieën, door een goede ontvlooiing zien we deze allergie gelukkig steeds minder. De honden hadden in dit geval het meest jeuk lumbosacraal.

Atopie is een omgevingsallergie. Dat wil zeggen dat het dier jeuk zal hebben op antigenen die een bepaalde periode van het jaar aanwezig zijn, zo is dat bv. voor graspollen vooral in het voorjaar en in de zomer net zoals een mens met hooikoorts.

Honden met atopie kunnen een milde tot extreme jeuk ervaren vooral thv de snoet, de oren, de oksels, de liezen, dorsaal aan de voorpoten, tussen de tenen en rond de anus. Deze dieren zijn ook veel gevoeliger voor secundaire infecties dan dieren die niet allergisch zijn. Dit heeft veel te maken met hun huidbarrière.

Dit wetende is het duidelijk dat een monotherapie, dat wil zeggen een middel enkel tegen de jeuk, niet volstaat. Het dier moet ook preventief behandeld worden tegen deze secundaire infecties. Met lokale produkten, een aangepaste voeding en voedseladditieven zoals essentiële vetzuren kunnen we de huidbarrière versterken en de reacties verminderen.

Deze dieren kunnen ook reageren op bepaalde voedselallergenen. Dus is het ook van groot belang die component te bekijken door middel van een test met een aangepaste voeding.

Om te weten te komen tegen wat het dier een overgevoeligheid heeft ontwikkeld, kunnen we een huidtest of bloedtest doen. Deze test kunnen we echter niet gebruiken als diagnose, maar het laat ons wel weten met welke antigenen dit dier vaak in contact is geweest en kan dan ook als leidraad gebruikt worden om een desensibilisatie op te stellen. Dit is een veilige manier om te proberen de overgevoeligheidsreactie te verminderen of te laten verdwijnen. Net zoals bij de mens leidt dit niet altijd tot volledige jeukvermindering, maar ze kan in een behoorlijk percentage van de dieren de jeuk wel sterk indijken.

Voedselallergie op zich komt ook voor. Toch zien we dit als alleenstaande allergie veel minder frequent bij honden als oorzaak voor jeuk. Vaak hebben deze dieren ook maagdarmklachten. Om deze oorzaak van jeuk uit te sluiten, zal ook een speciale voeding aangewend worden met hetzij een zelfgemaakte maaltijd met een eiwitbron waarmee het dier nog geen contact heeft gehad, hetzij bepaalde commerciële voeders die daartoe op de markt zijn gebracht. PCR heeft aangetoond dat gewone commerciële diëten die in de winkel te koop zijn doorgaans ook nog sporen bevatten van andere eiwitten dan degene die ze claimen. Voor een voedseltest is het bij gevolg heel belangrijk deze aan te kopen bij jouw dierenarts want van deze kunnen we garanderen dat ze uniek zijn in hun eiwitbron. Er zijn 2 soorten diëten op de markt. We kunnen enerzijds gebruik maken van een voeding met een unieke eiwitbron die het dier nog niet heeft gegeten. Maar anderzijds, gezien er vaak kruisreactie zijn tussen verschillenden dierlijke eiwitten, is het beter een gehydroliseerde voeding te gebruiken waarbij de eiwitten verkleind worden tot een moleculair gewicht dat geen reactie meer kan uitlokken . We moeten een dergelijke voeding verschillende maanden geven om voeding als oorzaak van jeuk uit te sluiten.

Een dier kan ook jeuk ondervinden door een rechtstreekse contactallergie waarbij de hond door rechtstreeks contact met een stof een reactie ontwikkelt. Meestal uit zich bij dit dier met een felle roodheid in de huid, de jeuk is hier meestal beperkt.

Auto-immune aandoeningen kunnen de huid heel sterk beschadigen met erosies en ulceraties tot gevolg, wat leidt tot ontsteking mede door secundaire infecties kunnen deze dieren naast pijn ook jeuk ervaren.

Dit zijn nog maar de meest voorkomende oorzaken van jeuk. Zoals jullie begrijpen kan jeuk heel veel oorzaken kan hebben en een grondig onderzoek is dan ook noodzakelijks om een correcte behandeling in te stellen.